Adres :
Maloupark Sint-Lambrechts- Woluwe
Gps-coörd. :
50.8413 , 4.4388
Wetenschappelijke inventarisatie :

Identiteit

Latijn :
Magnolia acuminata
Naam FR :
Magnolia à feuilles acuminées
Naam NL :
Beverboom
Naam EN :
Cucumber tree
Familie :
Magnoliaceae
Hoogte :
15 m (schatting)
Beoogde hoogte :
Deze soort kan 15-20 m hoog worden
Diameter kruin :
16 m
Omtrek van de stam :
407 cm aan de voet van de stam
Verwachte omtrek :
-
Verwachte levensduur :
Kan tot 120 jaar oud worden
Oorsprong/Afkomst :
Oosten en noordwesten Van de VS
Voorkeursbodem :
Zure bodems rijk aan humus
Voorkeursklimaat :
Gematigd fris

Diensten geleverd door deze boom

Verfraait het landschap :
+++ uitzonderlijke bloei en omvang
Verrijkt de biodiversiteit :
+ plant zich niet op een natuurlijke manier voort
Levert zuurstof :
++ groot bladerdek
Zuivert de lucht :
++ idem
Filtert het water :
+ beperkte verdamping, wasachtige bladeren
Voorkomt overstromingen :
+ beperkte verdamping, wasachtige bladeren
Slaat koolstof op :
+ trage groei en niet zo duurzaam hout
Verzacht het klimaat :
+++ uitzonderlijk groot
Beperkt de erosie van de bodem :
ø
Doet goed, is nuttig :
ø
Collectie van de Belgische Staat, permanente bruikleen aan de Plantentuin Meise: Michaux, Histoire des arbres forestiers de l'Amérique septentrionale, vol. 3, 1813

Kenmerken/Karakter van het individu

Hoewel deze boom grote bladeren heeft en vruchten in de vorm van komkommers, gaat het om een magnolia, wat te zien is aan de prachtige bloemen. Het was in de evolutie een van de eerste soorten met bloemen. Dit betekende een revolutie in de voortplantingswijze van deze levende wezens, aangezien de voortplantingsorganen bij de (oudere) coniferen niet beschermd waren.

De Beverboom van het Maloupark

Deze boom werd Magnolia gedoopt als hommage aan Pierre Magnol, een Frans botanicus (Montpellier) uit de 17e eeuw, die de planten in families indeelde. Achter de naam Magnolia schuilt een hele plantenfamilie van 240 soorten die nagenoeg allemaal uit Noord-Amerika of Azië stammen.

Een buitenbeentje

Als je in het Maloupark een dikke struik zoekt waarvan de kale takken bedekt zijn met enorme witte of lichtroze bloemen, als je uitkijkt naar een magische bloemenpracht in het begin van de lente, zul je verward achterblijven. De magnolia in dit park bloeit niet zoals de 2 soorten die bij ons beter bekend zijn: de Magnolia grandiflora, gekweekt voor zijn enorme witte bloemen (meer dan 20 cm breed), en de Magnolia x soulangeana, aangeplant en verspreid omwille van zijn immense lichtroze bloemen.

De boom die we hier zoeken, heeft een bizar silhouet: hij oogt als een reuzenstruik. Met zijn hoofdtakken, die erg laag vertrekken en die zich stuk voor stuk ontwikkelen als een stam, doet hij denken aan een kandelaar. Hij is overvloedig getooid met zeer grote zachtgroene, enigszins naar geel neigende bladeren. Die verschijnen eerst, de bloemen komen pas erna. De bladeren zijn langwerpig, 10 à 25 cm lang, en eindigen in een punt – in het Frans spreekt men over 'feuilles acuminées'. Vandaar de naam van deze boomsoort: 'Magnolia acuminata'.

Het is dus vooral het gebladerte dat deze soort zo uitbundig maakt. Al is ook zijn bloemenpracht (juni) een verplaatsing waard: de crèmewitte bloemen zijn erg groot. En ook zijn vruchten – deze magnolia heeft niet voor niets de bijnaam 'komkommerboom'. Zodra je de vruchten ziet, zul je begrijpen waarom: ze zijn 7 cm groot en staan rechtop op het uiteinde van de takken. Eerst zijn ze groen, maar als ze rijp zijn (augustus-september) worden ze koraalroze.

Mijlpaal in de evolutie

De Magnolia behoort tot een zeer oude plantenfamilie, die zowat 135 miljoen jaar geleden op aarde verschenen is. In die tijd kent het plantenrijk een ware revolutie: de voortplantingswijze bereikt een doorslaggevend stadium. De planten ontwikkelen bloemen. De graantjes worden goed beschermd door een soort capsule, het vruchtbeginsel van de bloem. De magnolia is een van de vertegenwoordigers van de voortplantingsevolutie bij de planten. Als je op het juiste moment aan de voet van de boom staat, kun je de primitieve structuur zien van een van de eerste bloemdragende planten van onze planeet.

Je moet wel geluk hebben, of geduld, om de bloei van de magnolia mee te maken. Hij bloeit immers heel kortstondig, slechts 2 à 4 dagen. Bovendien is de observatietijd beperkt: 's nachts sluiten de bloemen zich.

In tegenstelling tot de beroemde rozen zijn de bloemen van de magnolia verre van symmetrisch. Er is nergens een verbinding tussen de bloemblaadjes, de kelkblaadjes, de meeldraden en vruchtblaadjes. De bloemen staan, volledig onafhankelijk van elkaar, spiraalvormig ingeplant, wat vreemd genoeg aan de structuur van een denappel doet denken. Wanneer ze afvallen, blijft een kegel achter: de fameuze langwerpige, komkommerachtige vrucht. Verrassend genoeg wordt deze grote, bladverliezende boom niet bij de loofbomen ingedeeld, maar eerder bij de coniferen.

Vlak bij onze magnolia staat een tulpenboom. Die behoort tot dezelfde familie als de magnolia. Ook bij deze soort kun je de primitieve bloemstructuur van deze fase in de voorplantingsevolutie in het plantenrijk duidelijk zien. Na de magnolia en de tulpenboom zullen de bloemdragende planten steeds complexer worden: ze zullen geëvolueerde structuren blijven ontwikkelen die de voortplantingsorganen en de zaden van de planten moeten beschermen.

Goed geacclimatiseerd

In hun land van herkomst, de VS, komen de magnolia's vooral in bosrijke bergstreken voor. In het bos, omgeven door andere bomen, zijn hun stammen mooi recht: ze groeien rechtop op zoek naar licht. Ze zien er niet langer uit als struiken. Toch herinneren hun meervoudige stammen ('multicaule') nog altijd aan hun verleden als struik.

Wanneer de Europeanen deze soort in de Appalachen ontdekten, werden ze verleid door het gebladerte en door de verbazingwekkende bloei. Ze hebben haar in de 18e eeuw in Europa ingevoerd. Vandaag prijken de magnolia's in talrijke parken en arboretums. Hun brede, piramidale kroon, vaak ovaal van vorm, werpt 's zomers een aangename schaduw op de grasperken.

Onze magnolia heeft zich goed aangepast aan de Woluwevallei. Hij houdt van rijke bodems en van een vochtig klimaat, maar voelt zich probleemloos thuis in het Maloupark. Hij is de dikste van zijn soort in Brussel en is een onderdeel van het landschap. Samen met alle grote bomen van het park werd hij beschermd, op hetzelfde moment als het Maloukasteel. Hij dialogeert met dit verblijf, opgetrokken in de klassieke stijl van het einde van de 18e eeuw. De magnolia was aanwezig bij de renovatie van het gebouw, de aanleg van de parking, de aanleg van nieuwe lanen. Voorlopig lijken al deze veranderingen hem niet erg te deren.

Dit portret is verrijkt met een illustratie uit de Belgische Federale Staatscollectie in permanente bruikleen aan de Meise Botanical Garden. Zie bijlage. Met dank aan de bibliotheek (erfgoedcollectie) voor deze bijdrage.https://www.plantentuinmeise.be/nl/home/

Fotos: Priscille Cazin - Zerolutions / 32shoot asbl
idem
idem
idem
idem
idem
idem
idem
© Foto : Bruno Campanella – Natuurlijk erfgoed, Brussels Hoofdstedelijk Gewest
© Foto : Bruno Campanella – Natuurlijk erfgoed, Brussels Hoofdstedelijk Gewest
© Foto : Bruno Campanella – Natuurlijk erfgoed, Brussels Hoofdstedelijk Gewest
Jumelage: Magnolia acuminata var. subcordata, Arboretum Wespelaar, gps: 50°57'19.79"N, 4°37'51.14"O © Arboretum Wespelaar-Beltrees
Jumelage: Magnolia acuminata var. subcordata, Arboretum Wespelaar, gps: 50°57'19.79"N, 4°37'51.14"O © Arboretum Wespelaar-Beltrees
© Bruciel 1953
© Bruciel 1971
© Bruciel 1996
© Bruciel 2015